Schoonmaakbeurt



Eindelijk gunt hij zichzelf rust, dacht ik nog.

Mijn Belgische overbuurman lag gistermiddag uitgestrekt op een ligstoel dat stond op het gras naast een vloerkleed onder de luifel van zijn caravan. Die stoel stond waarschijnlijk naast het kleed opdat hij deze niet onverhoeds zou besmeuren. Sinds ik twee dagen geleden rond de lunch op deze camping ben aangekomen is de beste man in de weer geweest om een groot aantal spullen om zich heen te onderwerpen aan een grote sop- en poetsbeurt. Het viel me eerst niet op, maar doordat hij veelvuldig langsliep met een emmertje begon het me langzaam te dagen: zijn vakantie zit erop en alles gaat schoon mee naar huis.


Toen ik gisterochtend wakker werd was hij al druk bezig met soppen. Ik dacht dat hij die ochtend wel zou vertrekken, maar niets bleek minder waar. Hij had inmiddels de schone grondzeilen van de dag ervoor in kleine pakketjes opgerold, vastgemaakt en netjes opgestapeld naast de caravan. Toen ik naar het dorp vertrok voor een espresso en een paar boodschappen was hij bezig zijn caravan schoon te poetsen. En eenmaal terug haalde hij in de loop van de middag een paar emmertjes water  voor een schoonmaakbeurt van zijn auto. Hij kan het gewoon niet laten, dacht ik nog, want die auto en caravan zijn bij thuiskomst gewoon weer te vies voor hem. En toen hij rust nam op zijn stretcher dacht ik dat zijn arbeid er die dag op zat. Dat hij er mogelijk zelfs schoon genoeg van had.


Het rustmoment was van korte duur. Hoewel het al zeven uur was geweest liep hij ietwat voorovergebogen opnieuw langs met zijn emmertje. Zijn hoofd deinde daarbij een beetje heen en weer net als water dat doet in een volle emmer.


Zijn vrouw volgt de schoonmaakbeurt op gepaste afstand. Regelmatig kijkt ze, in gedachten verzonken, naar haar toegewijde propere man. Soms nadert ze hem om te helpen, maar hij zit er niet om verlegen. Hij laat haar staan. Vervolgens trekt ze zich langzaam en zwijgend terug in haar stoel of in de caravan.


Vanmorgen was het dan eindelijk zo ver. Alles wat zich nog buiten de caravan en auto bevond werd ingepakt en opgeborgen. En toen was het terrein leeg. En mijn gedachten vol. Over properheid, lijdzaamheid, zwijgzaamheid, vakantieklussen en de regenboog aan kleuren en geuren van mensen en wensen. Een hele emmer vol.



©: 2019 cathinka de vries